Omdat de wereld om ons heen soms niet genoeg troost biedt voor de wereld binnen in ons.

Ze droeg haar verdriet in stilte. 

Als A. haar probeerde te troosten, 
beroerden zijn stem en handen slechts haar buitenkant. 
Het was een eierschil waarop hij klopte. 

Ze hoorde en voelde hem wel, 
maar ze kon hem niet binnenlaten
zonder zichzelf te breken.

- Deniz Kuypers, ('Zing voor me morgen', pag. 114) -