‘Waar ben ik?’ vraagt hij radeloos, en dan: ‘Wie ben ik? Wie ben ik?’

En zijn ogen hadden die onbestemde grijze kleur gekregen 
die je alleen bij heel jonge of heel oude mensen ziet:
de kleur van de zee waar we uit komen,
de kleur van de zee waarnaar we terugkeren.

- Hanya Yanagihara, ('Een klein leven', pag. 690) -