Beiden keken me verwachtingsvol aan alsof ik had aangekondigd een gedicht voor te dragen.

S. hield van haar huis, en altijd als ze er wegging,
klopte ze zachtjes op de voorgevel
als op de flank van een oud paard.

‘Je moet meer wereld toelaten,’ zei mij vader,
‘in plaats van in een huis te wonen
waar je voortdurend doorheen dreigt te zakken.’

‘Als dat alles is,’ zei S.
‘Dat is juist het erge,’ zei mijn vader,
‘dat dat alles is.’

Vervolgens begon hij er weer over dat ze het huis moesten afbreken
en een nieuwe moesten neerzetten,
een met meer ruimte,
de bovenwoning was altijd al veel te klein geweest,
ondanks de verbouwing,

en dan werd S. woedend
en zei tegen mijn vader dat hij maar ergens anders
heen moest gaan met zijn wegwerpmentaliteit,

maar bij het weggaan alsjeblieft moest uitkijken waar hij liep. 

- Mariana Leky, ('Vanuit hier zie je alles', pag. 67) -