De man fronst in de spiegel. Tong verloren, zijn lief, in sprookjes van vroeger?
Hij kent dat liedje, snuit zijn neus. Raadt haar aan alles waar ze het over wil hebben maar eens chronologisch, wat feiten betreft, en alfabetisch, wat de indeling in alinea's betreft, om alles maar eens gewoon, ongeveer zoals in een telefoonboek maar dan op één A-viertje, op te schrijven om ervan af te wezen als ze zo nodig moet schrijven. Raadt haar aan vooral te zwijgen als het over God gaat. Van mensen hoogstens de grillen te inventariseren. Andere culturen buiten beschouwing te laten tenzij er sprake is van dezelfde denkwijze of dezelfde sociale conventies.
'En gaat het over kunst, mijn lief, plaats dan invloeden en doeleinden in een historisch perspectief als je niet op je bek wilt gaan.'
Het klonk broodnuchter, hij had gelijk. Alleen bloedde hij weer waar hij zich geschoren had.
- Pamela Koevoets, ('Groot portret van het water' uit 'Schaduwboksen', pag. 148) -